
Wet op de Accountants-administratieconsulenten
Artikel 51
1
De tuchtrechtspraak heeft ten doel het weren en beteugelen van misslagen van Accountants-Administratieconsulenten, in de uitoefening van hun beroep begaan en van inbreuken op verordeningen van de NOvAA en op de eer van de stand van vorenbedoelde Accountants-Administratieconsulenten.
2
De tuchtrechtspraak wordt in eerste aanleg door een of meer raden van tucht voor registeraccountants en Accountants-Administratieconsulenten en in beroep, tevens in hoogste ressort, door het College van Beroep voor het bedrijfsleven uitgeoefend.
3
In geval van doorhaling van een inschrijving in het accountantsregister blijft de betrokkene ter zake van handelingen en gedragingen, die gedurende de tijd, dat hij ingeschreven stond, hebben plaats gehad, aan de tuchtrechtspraak onderworpen.
4
Indien de betrokkene wederom wordt ingeschreven, is hij bovendien aan deze rechtspraak onderworpen ter zake van handelingen en gedragingen, die gedurende de tijd, dat zijn inschrijving doorgehaald was, hebben plaats gehad en tot weigering van de inschrijving op grond van artikel 44, eerste lid, onder e , aanleiding zouden hebben gegeven, zo zij reeds bij de behandeling van de aanvraag bekend waren geweest.
5
Bij algemene maatregel van bestuur wordt het aantal raden van tucht bepaald, alsmede het rechtsgebied en de zetel van elk van deze raden.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.